Home Reizen Verslagen Japan (2010)
Japan (2010) PDF Afdrukken E-mail

Vluchten


Amsterdam - Tokyo (Narita)
Maatschappij: JAL Japan Airlines
Vluchtnummer: JL412
Vliegtuig: Boeing 777-200ER
Duur: 11:25 uur (non-stop)

Tokyo (Narita) - Fukuoka
Maatschappij: JAL Japan Airlines
Vluchtnummer: JL3057
Vliegtuig: Boeing 737-400
Duur: 2:02 uur

Tokyo (Narita) - Amsterdam
Maatschappij: JAL Japan Airlines
Vluchtnummer: JL411
Vliegtuig: Boeing 777-200ER
Duur: 12:00 uur (non-stop)


JAL Japan Airlines


Route

Reischema


Dag 

Vervoer

Route

Hotel

Extra

01VliegtuigVertrek Amsterdam  Vliegtuig   
02 Aankomst Fukuoka  Fukuoka   
03 Fukuoka  Fukuoka   
04Privé busFukuoka - Karatsu - Okawachiyama - Nagasaki  Nagasaki   
05 Nagasaki  Nagasaki   
06 Nagasaki  Nagasaki   
07Privé busNagasaki - Shimabara - Kumamoto  Kumamoto   
08Privé busKumamoto - Aso-vulkaan - Kurokawa - Beppu  Beppu   
09Bus/bootBeppu - Usuki - Matsuyama  Matsuyama   
10 Matsuyama  Matsuyama  Uchiko 
11Privé busMatsuyama - Onomichi - Tomo-no-Ura - Kurashiki  Kurashiki   
12 Kurashiki  Kurashiki  Fietsen op de Kibi-vlakte 
13 Kurashiki  Kurashiki 

Hiroshima en Miya-jima 

14Privé busKurashiki - Himeji - Kyoto  Kyoto   
15 Kyoto  Kyoto   
16 Kyoto  Kyoto   
17 Kyoto  Kyoto  Nara 
18Openbaar vervoerKyoto - Tokyo  Tokyo  Shinkansen 
19 Tokyo  Tokyo   
20 Tokyo  Tokyo   
21 Tokyo  Tokyo  Nikko 
22VliegtuigVertrek Tokyo - Aankomst Amsterdam  Aankomst Amsterdam   

Beschrijving van dag tot dag 

Dag 1: Vertrek Amsterdam

Je vliegt vanaf Schiphol  via Tokyo naar het Japanse Fukuoka, waar je de volgende dag arriveert.

Dag 2: Aankomst Fukuoka

Op de luchthaven van Fukuoka word je opgewacht door de reisbegeleiding. Met de metro rijd je naar het hotel in de centraal gelegen wijk Akasaka. Na het inchecken is er wellicht nog tijd om een hapje te eten in de buurt van het hotel.

Dag 3: Fukuoka

Vrije dag. Alhoewel Fukuoka bij ons niet de internationale uitstraling en bekendheid heeft van steden als Osaka en Tokyo, is de stad een kosmopolitische metropool waar de jaren van de zogenaamde 'zeepbel-economie' hun sporen hebben achtergelaten in de vorm van architectonische hoogstandjes als het IMS-gebouw, Across Fukuoka en Canal City.
Als afsluiting van de verkennende stadswandeling kun je mee naar de tuin Rakusui-en. Je kunt er kennismaken met de rituelen van de theeceremonie (optioneel).

's Avonds ga je eten in één van de talrijke yatai, eettentjes die bij het vallen van de avond worden opgesteld langs de oevers van de rivier, waar overheerlijke noedelgerechten worden geserveerd. Een erg gezellige kennismaking met het echte Japan!

Dag 4: Fukuoka - Karatsu - Okawachiyama - Nagasaki

Met de bus naar Nagasaki! Over de snelweg duurt de rit anderhalf uur, maar je volgt de grillige kustlijn van de Nakazee tot in Karatsu. Je kunt uitstappen in het pijnbomenbos Niji-no-Matsubara, van waaruit je te voet verder kunt over het zandstrand naar het kasteel Karatsu-jo.

Alhoewel het porselein dat in deze streek werd vervaardigd wereldwijd bekend staat als Imari-porselein, fungeerde de stad enkel als doorvoerhaven voor aardewerk dat door Koreaanse slaven werd geproduceerd in hoger gelegen bergdorpjes. Je maakt een uitgebreide stop in het dorpje Okawachiyama, waar je ruim de tijd hebt om rond te neuzen in de galerieën of even de bergflank op te lopen voor een mooi uitzicht over het dorp.

Dag 5: Nagasaki

Vrije dag. Je kunt een stadswandeling in Nagasaki maken, op zoek naar de sporen die onze Nederlandse voorvaderen hier hebben achtergelaten. Centraal staat natuurlijk Dejima, dat naar aanleiding van 400 jaar handelsbetrekkingen tussen Nederland en Japan smaakvol werd gerestaureerd. Daarnaast verdienen een bezoek aan het Von Sieboldt-huis, een wandeling langs de 'Hollandse Hellingen', of het oude Nederlandse kerkhof zeker een aanbeveling.

Ondanks haar rijke verleden staat Nagasaki in ons collectieve geheugen gegrift door de atoombom. Als je dat wil kun je een door ons geregelde ontmoeting bijwonen met een hibakusha (A-bom-overlever) die in het Vredesmuseum zijn persoonlijke relaas komt doen over zijn ervaringen op die noodlottige dag (optioneel).

Dag 6: Nagasaki

Vrije dag. Krijg je na een paar dagen Japan al heimwee naar huis, dan kun je vandaag met de trein als optionele excursie naar Huis ten Bosch. Tijdens de rit langs de oevers van de met eilandjes bezaaide baai van Omura waan je je in 17e eeuws Japan, tot vanachter een heuveltop de Domtoren opdoemt. Nog dichterbij ontwaar je ook het Centraal Station van Amsterdam en eenmaal binnen loop (of fiets) je langs nog meer typisch Nederlandse gebouwen als het kasteel Nijenrode en het stadhuis van Gouda. 'Hausutenbosu', zoals het park in Japan wordt genoemd, is beslist het indrukwekkendste van alle themaparken die in de gouden jaren tachtig als paddestoelen uit de grond rezen.

Lijkt een dagje Huis Ten Bosch je maar niks, dan kun je ook een uitstapje maken naar Io-jima in de baai van Nagasaki. Dit kleine eilandje ligt op nog geen half uur varen van de haven. Je kunt er wandelen, fietsen of gewoon even lekker uitwaaien op het strand.

Dag 7: Nagasaki - Shimabara - Kumamoto

Vandaag laad je je bagage in voor de rit naar Kumamoto, de eerste van twee transferdagen waarbij je het eiland Kyushu van west (Nagasaki) naar oost (Beppu) doorkruist. Je reist door het Unzen-Amakusa Nationaal Park, opgericht in 1934 en daarmee het oudste Nationaal Park van Japan.

's Ochtends rijd je over het Shimabara schiereiland, waar je even stopt in het plaatsje Unzen. Na een korte ferry-oversteek kom je even na de middag aan op de Amakusa-eilanden. Deze archipel van ruim 120 eilandjes is door zijn geïsoleerde ligging nog steeds een van de minst ontwikkelde gebieden van het land gebleven. Hier ben je dan ook echt "off the beaten track". "Gaijin" of buitenlanders krijgt men hier zelden te zien, dus een groep Oranda-jin (Nederlanders) op doorreis kan er op heel wat belangstelling rekenen! Afhankelijk van de weersomstandigheden kun je na de lunch nog dolfijnen gaan kijken voor de kust van het eilandje Tsuji-shima. Langs de Amakusa Pearl Line, een bruggenroute over een zestal kleinere eilandjes rij je nadien richting Kumamoto.

Dag 8: Kumamoto - Aso-vulkaan - Kurokawa - Beppu

De buitenkrater van de vulkaan Aso is met een doorsnede van ongeveer twintig kilometer één van de grootste ter wereld. Middenin ligt een enorme vlakte waar enkele tienduizenden mensen wonen in enkele verstilde dorpjes. Latere uitbarstingen zorgden voor nieuwe vulkaantoppen in deze krater, de zogenaamde vijf pieken van Aso. Eén daarvan is nog steeds actief en kan (als de zwaveluitstoot niet te hoog is) worden bezocht. Een kabelbaantje brengt je tot aan de kraterrand. Na het vulkaanbezoek volg je de Yamanami-highway in noordoostelijke richting naar Beppu.
Voor je daar aankomt houd je nog even halt in Kurokawa voor een eerste kennismaking met een uniek Japans fenomeen, de onsen of warmwaterbaden. Natuurlijk is Japan niet het enige land ter wereld waar warm water uit de aarde opborrelt, maar nergens is het baden zo'n belangrijk onderdeel van de cultuur geworden als hier. De reisbegeleider maakt je graag wegwijs in de Japanse badcultuur; zo kun je vanavond in Beppu ook nog een suna-buro of zandbad nemen. Voor velen de ultieme Japanse badervaring!

Dag 9: Beppu - Usuki - Matsuyama

De sterke vulkanische activiteit in het noorden van het eiland Kyushu komt het duidelijkst tot uiting in Kannawa, een wijk ten noorden van het centrum van Beppu, waar het vulkanische vocht in allerlei geuren en kleuren door de aardkorst naar de oppervlakte borrelt en uitmondt in de zogenaamde jigoku (hellen). Je bezoekt de Umi-jigoku (zeehel), voor je verder rijdt richting Usuki. In Usuki bezoek je de seki-butsu, een collectie van meer dan 60 stenen boeddhabeelden uitgekapt uit de flanken van een afgelegen ravijn. De ferry die je naar Shikoku brengt, meert aan in Misaki, op het meest westelijke punt van het eiland. Van daaruit rijd je over de kaap richting Matsuyama, een indrukwekkende rit die de vergelijking met de Great Ocean Road in Australië of Highway 1 in Californie makkelijk kan doorstaan.

Dag 10: Matsuyama

Vrije dag. De skyline van Matsuyama op het eiland Shikoku wordt gedomineerd door het centraal gelegen kasteel. Tijdens de vrije ochtend kun je met een kabelbaantje naar de top van de heuvel voor een bezoek aan het kasteel, waar je door de authentieke interieurs en collecties kleding en wapentuig een goed inzicht krijgt van hoe het er in feodaal Japan aan toeging. 

's Middags kun je mee op een optionele excursie naar Uchiko, een pittoresk dorpje dat een 50-tal kilometer ten zuiden van Matsuyama ligt. Uchiko stond tijdens de late Edo-periode bekend om zijn ‘ro’, een plantaardige was die werd gebruikt om kaarsen te maken. De gerestaureerde ambachtshuizen van de centrale straat Yokaichi fungeren nu als musea, theehuizen of souvenirwinkels. Uchiko is echter geen openluchtmuseum, je krijgt hier een goed beeld van het leven in een Japanse plattelandsgemeenschap. Op de terugweg rijd je nog langs een stukje van de "henro" de eeuwenoude pelgrimsroute langs 88 tempels. De optionele excursie naar Uchiko is inclusief het excursiepakket.

Dag 11: Matsuyama - Onomichi - Tomo-no-Ura - Kurashiki

Het eiland Shikoku was een tiental jaar geleden enkel te bereiken per boot of vliegtuig. In het voorbije decennium werden echter maar liefst drie brugverbindingen aangelegd die moeten bijdragen aan de economische ontsluiting van het eiland. Je rijdt over de Shimanami-highway, de meest westelijke verbinding die leidt over negen verschillende eilandjes en uiteindelijk uitkomt bij het tempelstadje Onomichi op het hoofdeiland Honshu. Je maakt er een uitgebreide stop voor een bezoek aan de Senko-ji tempel, schitterend gelegen op een heuveltop hoog boven het stadje. Lunchen kun je in een voortreffelijk Frans restaurant aan de rand van het tempelpark. Onderweg naar Kurashiki maak je nog een stop in het vissersdorpje Tomo-no-Ura.

Dag 12: Kurashiki

Vrije dag. Optioneel kun je met een lokale trein naar Soja, waar je een fiets kunt huren om de Kibi-vlakte te verkennen. Eenmaal het dorpje uit kun je gemakkelijk het fietspad volgen. De route leidt onder andere door rijstvelden, langs riviertjes en rond grafheuvels... In een land dat voor meer dan 80 procent uit bergen bestaat, ben je hier letterlijk en figuurlijk op het platteland! Langs de route liggen ook twee heiligdommen: de boeddhistische tempel Kokubun-ji en de shinto schrijn Kibitsu-jinja, waar je even kunt aanschuiven bij de plaatselijke monniken voor een deugddoend kopje thee. Na de fietstocht kun je nog met de trein verder naar Okayama waar je de Koraku-en tuin kunt bezoeken, een landschapstuin die algemeen wordt beschouwd als een van de drie mooiste tuinen van het land (samen met Kenroku-en in Kanazawa en Kairuku-en in Mito).

Terug in Kurashiki kun je meteen door naar de centrale kanaalzone Bikan, waar je de rest van de middag kunt doorbrengen in de musea. Het Ohara Museum of Art heeft zowel een collectie Westerse meesters als Japanse kunst, maar ook het Kurashiki Museum of Folkcrafts en het Japan Rural Toy Museum zijn zeker een bezoekje waard.

Dag 13: Kurashiki

Vrije dag. Een optionele excursie brengt je naar Miya-jima en Hiroshima.  Het eiland Miya-jima is bij het grote publiek bekend vanwege de oranje drijvende’ torii (tempelpoort) voor de kust. Japanse toergroepen verdringen zich om op de foto te gaan met de torii op de achtergrond, voor ze door hun gids vakkundig de talrijke souvernirwinkels worden binnengeleid. Je laat die voor wat ze zijn en je gaat verder (ofwel te voet, ofwel met een kabelbaantje) naar de top van Mount Misen, een inspirerende plek waar menig Japanse dichter de indrukwekkende uitzichten over de Binnenzee heeft beschreven in poëtische haiku-verzen. De bus vertrekt in de loop van de middag naar Hiroshima, waar je het bommuseum kunt bezoeken en een wandeling kunt maken in het vredespark. Wens je langer op Miya-jima te blijven, dan kun je later op de dag met de kusttram naar Hiroshima. We spreken ’s avonds af bij het standbeeld van Sadako (een ziek meisje dat origami-kraanvogels maakte om haar leukemie te overwinnen), om terug te rijden naar Kurashiki. De optionele excursie Hiroshima en Miya-jima is inclusief het excursiepakket.

Dag 14: Kurashiki - Himeji - Kyoto

Vandaag maak je de transfer naar de oude hoofdstad Kyoto. Tussen Okayama en het pottenbakkersplaatsje Bizen rijd je nog grotendeels langs de kusten van de Binnenzee. In Bizen ga je de snelweg op naar Himeji.
Je hebt er ruim de tijd om Shirasagi-jo, het witte reigerkasteel, te bezoeken. Wat dit elegante bouwwerk zo bijzonder maakt is het feit dat het een van de enige kastelen is die nog in originele staat zijn bewaard gebleven. Op het eind van de 19e eeuw werden immers veel kastelen vernield door de keizerlijke troepen en na de val van het shogunaat raakten veel kastelen door leegstand in verval. Vanuit Himeji ga je terug de snelweg op en rijd je dwars door de Kansai-regio richting Kyoto.

Dag 15: Kyoto

Vrije dag. Je kunt met je reisbeleider een optionele stadstour per bus maken. De eerste stop van de dag is bij de Kinkaku-ji, de gouden tempel. Iets verderop naar het westen ligt de Ryoan-ji tempel met zijn klassieke zen-tuin. Beide tempels moet je volgens ons gezien hebben als je in Kyoto bent, maar jammer genoeg delen vele anderen ook deze mening. Het is er meestal dan ook razend druk, daarom loop je nog even door de aanpalende wijk naar de Toji-in tempel. De tempeltuin is een echt pareltje en genietend van een kopje groene thee kom je hier echt tot rust. Vlakbij de tempel steek je de voeten onder tafel bij de lokale mama-san voor een heerlijke tempura-lunch. Na de lunch rij je naar het zuiden van de stad, voor een bezoek aan de Fushimi Inari Taisha schrijn. Je maakt er een vrij lange stop, zodat je ruimschoots de tijd hebt om te wandelen door de schijnbaar eindeloze rijen "torii" (tempelpoorten) op de flanken van de berg Inari-yama. De excursie wordt afgesloten met een bezoek aan de Sanjusangen-do tempel. Deze tempel is bijzonder omwille van het enorme aantal beelden van Kannon, de boeddhistische godin van genade, 1001 om precies te zijn, allemaal netjes zij aan zij opgesteld in een meer dan honderd meter lange hal. De optionele stadstour Kyoto is inclusief het excursiepakket.

Dag 16: Kyoto

Vrije dag in Kyoto. In de Higashiyama (oostelijke bergen) vind je de grootste concentratie aan tempels en heiligdommen van de hele stad. Je kunt je tocht beginnen bij de Kiyomizu-dera, de tempel van het zuivere water, in het zuidoosten van de stad. Van daaruit ga je te voet verder door de zogenaamde theepotwijk. Het is er steeds gezellig druk, met tal van vriendelijk lachende geisha’s die uitgebreid met je op de foto willen. Volendam-geisha’s als je het ons vraagt… 

Voor het echte werk kun je na de middag optioneel mee met de begeleider naar een kaburenjo, een soort opleidingscentrum voor geisha’s. Je kunt er eerst een kopje koffie drinken, waarna je kunt aanschuiven voor een korte prive-dansvoorstelling van een echte maiko (geisha in opleiding)! 

’s Avonds kun je eten in één van de vele restaurantjes aan de oevers van de centrale Kamo-river. Iedereen komt hier aan zijn trekken: van eenvoudige, goedkope yakitori-tentjes (sateetjes) tot de verfijnde, maar peperdure kaiseki-ryori (haute cuisine).

Dag 17: Kyoto

Vrije dag. Je kunt optioneel met de trein naar Nara. De tempels en schrijnen van Nara worden algemeen beschouwd als de wieg van de Japanse cultuur. Immers, de stad was nog voor Kyoto de hoofdstad van Japan, meer bepaald van 710 tot 794. Het was een periode waarin heel wat Chinese invloeden via Korea overwaaiden. Dat is niet alleen te merken aan het stratenplan dat is gebaseerd op dat van de oude Chinese hoofdstad Xi'an, maar ook aan de vele boeddhistische tempels in en rond de stad. Het stadspark herbergt enkele van Japans belangrijkste historische bouwwerken zoals de Todai-ji tempel (het grootste houten gebouw ter wereld met binnenin een 16 meter hoog bronzen boeddhabeeld), het shintoistisch heiligdom Kasuga Taisha, en de Kofuku-ji tempel met twee elegante pagodes op de tempelgronden.

Dag 18: Kyoto - Tokyo

Naar Tokyo! Standaard ga je met een zogenaamde highway-bus. De afstand tussen Kyoto en Tokyo bedraagt ruim 500 kilometer: als het verkeer een beetje meezit, doet de bus daar ongeveer acht uur over.

Je kunt jezelf dit dagje "kilometervreten" besparen door de Shinkansen te nemen. We hebben een aanbieding (enkel op te geven bij je boeking in Nederland) waarbij we tegen een flinke korting een stoel op de snelste trein (Nozomi Super Express) voor je reserveren.
Bijzonder is de Shinkansen beslist: misschien niet langer omwille van de topsnelheid (het snelheidsrecord voor een operationele trein staat momenteel met 350 km/u op naam van China), maar wel omwille van de frequentie waarmee ze rijden: tijdens de spits vertrekt er gemiddeld om de 5 minuten een trein. Een HST-trein met een hogere frequentie dan een gemiddelde Europese metro. Ook de service aan boord is onovertroffen: waar ter wereld komt de controleur de wagon binnen met een diepe buiging, om zich vervolgens uitgebreid te verontschuldigen voor al het ongemak dat het knippen van je kaartje met zich meebrengt?
Je vertrekt rond half 10 vanuit Kyoto, en komt rond de middag in Tokyo aan. Wanneer je met de Shinkansen richting Tokyo reist heb je na het inchecken nog de tijd voor een eerste verkennende wandeling in de buurt van het hotel en het park van Ueno.

Dag 19: Tokyo

Vrije dag. Vandaag kun je een tocht maken langs de belangrijkste stadscentra. De wolkenkrabbers van de kantorenwijk Shinjuku, trendsettende fashionista’s langs de boulevard Omotesando, het hippe jonge volk in Shibuya en afsluitend het winkeldistrict Ginza met eventueel bezoek aan het Kabukitheater (afhankelijk van de programmering). Het passeert vandaag allemaal de revue, en de indrukken zijn zo overweldigend dat je zintuigen nog een tijdje blijven nazinderen als je na deze volle dag gaat slapen.

Dag 20: Tokyo

Vrije dag. Er valt nog van alles te doen in deze wervelende stad. Met de metro kun je naar Tsukiji, de befaamde centrale vroegmarkt van Tokyo. Je wandelt langs viskraampjes waar zeecreaturen te koop worden aangeboden waarvan je in je stoutste dromen het bestaan niet had durven vermoeden. Als ontbijt pik je nog enkele sushischoteltjes van de lopende band voor je verdergaat naar de Ryogoku-wijk waar je met wat geluk (afhankelijk van het wedstrijdschema) een bezoek kunt brengen aan een sumo-beya, een trainingszaal voor sumo- worstelaars. Over de nieuw aangelegde promenade langs de Sumida-rivier loop je naar Asakusa, voor een glimp van het oude Edo.
In de schaduw van de oude Senso-ji tempel ga je koffie drinken en maak je plannen om de rest van de middag te besteden: je kunt met de ‘waterbus’ naar het futuristische eiland Odaiba in de baai van Tokyo, of een middagje in de musea van Ueno: het Tokyo National Museum is een absolute must!

Dag 21: Tokyo

Vrije dag. Je kunt Tokyo verder verkennen of met het openbaar vervoer een optionele excursie maken naar Nikko. Er was in de 8e eeuw al sprake van Nikko, een belangrijk boeddhistisch pelgrimsoord. Toch heeft dit stadje zo'n 100 kilometer ten noorden van Tokyo zijn huidige faam te danken aan het feit dat het werd uitgekozen als de laatste rustplaats van de shogun Tokugawa Ieyasu. Het was zijn kleinzoon Tokugawa Iemitsu, die als eerbetoon aan zijn grootvader, de met pracht en praal beladen (Chinees aandoende) Toshogu-schrijn liet bouwen. Indien je vliegt met Cathay Pacific vertrek je aan het einde van de middag al richting Amsterdam.

Dag 22: Vertrek Tokyo - Aankomst Amsterdam

Je vliegt terug naar Amsterdam, waar je vandaag aankomt.

Bevolking

Japan heeft een oppervlakte van 380.000 km² (9 maal Nederland en 12,5 maal België) en telt ongeveer 130 miljoen inwoners. De bevolking is zeer ongelijk verdeeld over het land. De grootste concentratie (driekwart van de totale bevolking) woont in het verstedelijkte zuidelijke deel van Japan. Slechts 15 procent van het landoppervlak is geschikt voor de landbouw. Toch hoort Japan economisch gezien tot een van de machtigste landen op aarde. Het Japanse succes is ten dele gebaseerd op oude traditionele waarden van saamhorigheid, hulpvaardigheid en betrokkenheid bij het bedrijf waar je voor werkt. Religie heeft in Japan lange tijd de normen en waarden bepaald en gezorgd voor hechte familiebanden waarbij het heel gewoon was dat verschillende generaties onder een en hetzelfde dak wonen en voor elkaar zorgen. Samenwerken en elkaar helpen, zijn eigenschappen die je op verschillende niveaus binnen de samenleving tegenkomt. Een dergelijke houding zie je ook op de werkplek, Japanners beginnen gezamenlijk met een warming-up en gaan pas naar huis als het werk af is. Door de recessies van de jaren ’90 nam de werkeloosheid toe wat grote gevolgen had voor de Japanners omdat ze niet gewend waren aan het verschijnsel werkeloosheid. Langzaam beginnen de traditionele waarden onder de druk van de economische terugval terrein te verliezen.Traditionele familiebanden worden zwakker, het aantal scheidingen is bijvoorbeeld sterk gestegen, de meeste gezinnen hebben maar een of twee kinderen en ze wonen niet langer samen met hun ouders en grootouders onder een dak. Ook is het aantal zelfmoorden in het algemeen en vooral onder jeugdigen hoog. 'Pesten' vormt op scholen in Japan een belangrijk sociaal probleem. Het onderwijssysteem wordt gekenschetst door sterke concurrentie en een zware nadruk op formele kennis. Een ander probleem is de hoge levensverwachting, de hoogste in de wereld. Door de sterke vergrijzing zal de gezondheidszorg in de komende jaren onder druk komen te staan.

De bevolking in Japan kent weinig diversiteit. De overgrote meerderheid (99 procent) zijn etnische Japanners, de rest bestaat uit Koreaanse immigranten en kleine aantallen Chinezen, Amerikanen en Europeanen. De meeste Koreanen zijn in Japan geboren en nakomelingen van Koreaanse arbeiders die tijdens de Japanse bezetting van Korea tussen 1910 en 1945 in Japan te werk werden gesteld.

Communicatie

Post van Japan naar de Benelux doet er ongeveer vier tot zes dagen over.

International bellen kan vanuit de meestal groene telefooncellen. Voor het gebruik is een telefoonkaart nodig die in elke supermarkt of kiosk te koop is. De telefooncellen van waaruit je internationaal kan bellen, zijn voorzien van een sticker met daarop het woord Internationaal. Het internationale landennummer voor Japan is 0081, voor Nederland 0031 en voor België 0032. 
Japan heeft een gsm-1900 netwerk. Klanten van KPN, Vodafone en T-Mobile kunnen gebruik maken van hun eigen gsm-telefoonnummer maar je hebt wel een ander (UMTS-)toestel nodig – dat geschikt is voor 3G-technologie – waar je een Nederlandse simkaart in plaatst. Zie www.rentcenter.nl 

In de meeste steden zijn internetcafés.

Eten en drinken

Traditioneel Japans voedsel, zoals dat nog in de kleine steden en dorpen wordt geserveerd, is sober, stijlvol en gezond. De gemiddelde levensverwachting van Japanners overstijgt dan ook die van Europeanen. Men zou kunnen zeggen dat het Japanse eten een soort super-Montignac dieet is. Maar daarmee is niet gezegd dat het niet lekker is. Integendeel. Toch zullen velen moeten wennen aan asagohan, hirugohan en bangohan, ofwel ochtend- middag- en avondrijst.

Een typisch Japanse maaltijd bestaat uit rijst, groenten, miso-soep, pickles en vis of vlees. Voor het kruiden wordt gewoonlijk sojasaus (shoyu) gebruikt, en bij rijst wordt vaak gedroogd zeewier (nori) gegeten. Bekende gerechten zijn sashimi, dunne schijfjes rauwe vis met hete mierikswortelpasta (wasabi), en sushi, schijfjes rauwe vis op of in reepjes licht met azijn besprenkelde rijst. Het klinkt misschien eenvoudig, maar het kost vele jaren van opleiding om een goede kok te worden. Tempura is gefrituurde zeevis en groenten, een gerecht dat in de 16de eeuw door Portugese handelaars in Japan werd geïntroduceerd. Tot 100 jaar geleden aten Japanners geen vlees, maar nu zijn er veel gerechten met kip, varkensvlees of rundvlees. Zo is Japanse saté (yakitori) erg populair, en ook sukiyaki, rundvlees gekookt met groenten en tofu in een pot op tafel, is een geliefd gerecht. Ook noedels (soba, udon) zijn in Japan erg populair en worden vaak in plaats van rijst gegeten, opgediend in een diepe kom hete soep met groenten, vlees of vis.

Japanse pubs, izakaya, te herkennen aan een rode lantaarn (dat is dus geen bordeel!), serveren in ongedwongen sfeer allerlei gerechtjes, zoals yakitori to tare (gegrilde kip met zoete sojasaus), yaki zakana (gegrilde vis), agedashi dofu (gefrituurde tahoe in meestal wat vissige soep), poteto furai (fried potatoes, gebakken aardappelen) of sashimi mori awase (diverse soorten rauwe vis, soms ook met garnalen en schelpdieren). Vaak is er ook wel een soort stampot met vlees te krijgen, niku yaga. Wie vlees noch vis wenst zegt: niku ya sakana o tabemasen, begitarian desu (letterlijk: vlees en vis eet ik (eten we) niet; ik ben (we zijn) vegetariër). In okonomiyaki restaurantjes serveert men een gevulde deegkoek die men zelf aan tafel kan bereiden op een hete plaat, teppan. Je kunt als vulling bijvoorbeeld groente, vlees, ei of garnaal nemen. In het algemeen kun je ook gebakken noedelgerechten of groente (yasai) erbij krijgen, bijvoorbeeld yaki soba, gebakken boekweitnoedels.

Kraanwater is overal goed drinkbaar. Het kan wat naar chloor smaken, maar het is drinkbaar. In Japan drinkt men veel thee en dan natuurlijk de Japanse groene thee (o-cha). Dit is een andere thee dan de poederthee van de theeceremonie. Naast thee wordt er ook veel koffie gedronken, maar in restaurants en coffeeshops is de koffie over het algemeen vrij duur. Frisdranken als cola zijn natuurlijk overal in restaurants en in automaten verkrijgbaar. Japan is weliswaar het land van de sake (rijstwijn), maar toch wordt er het meest bier (1/2 liter) gedronken. De vier grote biermerken zijn: Asahi, Kirin, Sapporo en Suntory. Bij het eten of aan de bar wordt er wel de (warme) traditionele sake gedronken in kleine kopjes en hoewel de kopjes klein zijn, gaat het erg hard. Dit komt ook al omdat men volgens traditie niet zijn eigen kopje inschenkt maar elkaars kopje. Zodra het kopje leeg is, schenkt de gastheer het kopje van de gast vol en de gast dat van de gastheer. Als je niet meer bijgevuld wil worden, moet je zorgen dat het kopje niet leeg komt, door geen of slechts minislokjes te nemen. Dit geldt ook voor (flessen) bier.

In Japan eet je met eetstokjes (hashi) net als in als in China, Korea en Vietnam. Het gebruik van deze hashi is (nog steeds) een normale zaak in Japanse restaurants maar ook in het dagelijks leven van een Japans gezin. De Japanse stokjes zijn vaak van bamboe of hout en zijn dan veelal gelakt. De uiteinden waarmee men het eten pakt zijn puntig, terwijl de Chinese stokjes veelal van niet gelakt hout of van been zijn en een stompe punt hebben. De Chinese stokjes kunnen ook langer zijn. De tafel wordt gedekt met de rijstkom links en de soepkom rechts. Een grappig verschil is dat men de stokjes in China naast het bord legt terwijl in Japan de stokjes horizontaal vóór het bord worden neergelegd. De stokjes houd je in de rechterhand, en met je linkerhand til je je soep- of rijstkom op.

Japanse restaurants kennen een etalage, waar de meeste gerechten (van plastic) tentoongesteld liggen. Meestal staan de prijzen er bij, zodat op die manier een keuze te maken is. Ook hebben de meeste menukaarten afbeeldingen van de gerechten. Het afrekenen gebeurt meestal via een centrale kassa bij de uitgang. Net als in veel winkels heeft men bij de kassa meestal voorkeur om het geld niet direct aan te pakken, maar wil men dat het geld op een speciaal bordje of plankje wordt gedeponeerd. Het wisselgeld wordt dan ook niet direct overhandigd maar weer op het bordje neergelegd. Laat geen geld liggen als fooi. Er zijn in Japan ook veel fastfoodketens, waar men hamburgers en gebraden kip kan krijgen en waar vooral jonge mensen en kinderen gek op zijn. Voor de maaltijd zeg je: ‘Itadakimasu’ en na de maaltijd ‘Gochiso-sama deshita’, als dank voor het eten.

Feestdagen

Het belangrijkste feest in Japan is het Nieuwjaar, o-Shogatsu. Alle winkels en bedrijven zijn tussen de eerste en derde januari gesloten. Met nieuwjaar komt men met de familie bij elkaar en veel gezinnen bezoeken dan ook hun ouderlijk huis. Om middernacht op 31 december worden speciale noedels gegeten (die een lang leven beloven) en dan gaat men naar de plaatselijke tempel of schrijn om te bidden voor voorspoed in het nieuwe jaar. Op 1 januari wordt een speciaal ontbijt opgediend, kinderen krijgen geld van hun ouders en familie en iedereen kijkt verlangend uit naar de nieuwjaarskaarten die allemaal direct op Nieuwjaarsmorgen bezorgd worden. 
Een heel andere belangrijke feestdag is O-bon (rond 15 augustus). Dan komen, volgens de traditie, de geesten van dierbare overledenen naar huis. Huizen en grafstenen worden schoongemaakt en speciaal voedsel wordt achtergelaten als offer aan de geesten. Verder worden overal in de omgeving en rond het huis lampionnen opgehangen om de geesten naar het huis toe te leiden. Verder worden er grote feesten gegeven met speciale dansen en vuurwerk.
Er is een aantal feesten speciaal voor kinderen. Hinamatsuri (3 maart) is het poppenfeest. Dan worden in het huis prachtige poppen uitgestald die het keizerlijk hof van vroeger voorstellen. Koinobori (5 Mei) is de dag van de kinderen en is voornamelijk een feestdag voor jongens. Bij alle huizen met jongens in de familie worden wimpels in de vorm van karpers opgehangen De karper is het symbool van kracht. Voor iedere man of jongen in de familie hangt een wimpel.
Op Tanabata-festival, Sterrenfeest, (7 juli) wordt gevierd naar een oude legende over twee geliefden, gesymboliseerd door twee sterren, die gescheiden door de melkweg, elkaar ieder jaar op deze avond mogen ontmoeten.
Shichi-go-san ofwel het 'zeven-vijf-drie-feest (15 november) is een feest waarop op meisjes van 3 of 7 jaar en jongens van 5 jaar worden meegenomen naar een tempel om te bidden voor een goede gezondheid.
Het hele jaar door worden er ook talloze plaatselijke feesten, of Matsuri, gevierd. De grotere hiervan trekken wel duizenden toeschouwers. 

Festival Gion Matsuri
Het Gion Matsuri is één van de grootste festivals van heel Japan. Tegenwoordig duurt het festival de hele maand juli, met als hoogtepunt de parade Yamahoko-junko op 17 juli. Een dertigtal praalwagens worden dan in een kilometerslange stoet door de stad gedragen of getrokken.

Er zijn twee soorten praalwagens: het overgrote deel zijn de ‘Yama’, die wegen één tot anderhalve ton, en worden door een twintigtal mannen op de schouders gedragen. De overige zijn de ‘Hoko’, nog indrukwekkender met een hoogte tot 25 (!) meter en een gewicht tussen de 5 en de 10 ton. De Hoko worden getrokken, waarbij vooral het draaien op de kruispunten een indrukwekkend spektakel is!

Tijdens de avonden voor de grote parade (14, 15 en 16 juli) is het feest in de stad: mensen trekken hun beste yukata (lichte zomerkimono) aan en gaan lekker eten en drinken in de ontelbare eettentjes die over het hele stadscentrum verspreid staan. Tijdens deze zogenaamde ‘Yoiyama’-avonden stellen veel mensen trouwens hun traditionele woningen open voor het publiek. Een unieke kans om een keer een Japans huis van binnen te zien!

Gion Matsuri kent zijn oorsprong in de 9e eeuw. Kyoto, toen nog de hoofdstad van het land, werd geteisterd door een verschrikkelijke pestepidemie. Eén van de priesters van het Gionschrijn (ook Yasaka schrijn genoemd) wilde de Shinto-goden verzoeken om de plaag te stoppen. Daarom organiseerde hij een grote processie door de straten van de oude hoofdstad. Kort daarna was de pest bezworen, maar uit dankbaarheid werd de processie iedere zomer herhaald.

Gewoonten en gebruiken

Realiseer je goed dat er tussen ieder land en iedere streek verschillen zijn in de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Ga je voortdurend uit van je eigen normen en waarden dan zal uiteindelijk alles wat daarvan afwijkt je gaan irriteren. En dat geeft veel onnodige stress. Accepteer dat mensen in bepaalde opzichten andere eisen stellen dan jij gewend bent. Ze gaan bijvoorbeeld anders om met afspraken of hebben een ander tijdsbesef. Dit maakt hen niet minder, wel anders. Met een goede voorbereiding - lees bijvoorbeeld het boekje ‘te gast in Japan’ - kun je je alvast instellen op deze culturele verschillen. Ter plekke is het de kunst om positief te blijven, je flexibel op te stellen en die andere levenswijze te respecteren zonder daarbij je eigen grenzen te overschrijden. Neem de tijd, probeer open en tolerant te zijn en probeer een praatje met mensen te maken. En spreek je de taal niet, dan zijn er andere manieren om contact te maken. Een eenvoudige begroeting of een simpele lach kost niets en opent overal deuren en harten.

Het is in het Westen algemeen bekend dat er in Japan nog al wat gedragsregels gelden. De gemiddelde Japanner (ook de oudere kinderen) leven volgens vrij strakke normen en waarden. De Japanner verwacht echter niet van een buitenlander – gaijin genoemd , die altijd als zodanig herkenbaar is door uiterlijk en meestal ook de taal - dat hij/zij zich precies aan deze gedragsregels zal houden. Dit geeft de buitenlander wel een aantal vrijheden en vaak zorgt dit toch ook weer voor een ongedwongen sfeer. Maar er zijn wel regels die absoluut niet overtreden mogen worden, zoals het belopen met schoenen van tatamimatten en sommige houten plankieren in bijv. tempels. Hier wordt over het algemeen streng op gelet, zeker als men een gaijin aan ziet komen.

Japanners zullen elkaar bij het begroeten nooit een hand geven. Zij maken een buiging, waarbij er heel exact gekeken wordt dat de laagste in rang ook de diepste buiging maakt. Als buitenlander hoeft men zich hier niet aan te houden, of men doet niets of men volstaat met een lichte buiging. De Japanner gaat er vaak al vanuit dat de gemiddelde buitenlander er niets van begrijpt. Tegenwoordig ziet men steeds meer dat Japanners buitenlanders wel een hand geven. Maar elkaar zoenen bij een begroeting hoort niet. Eigenlijk vermijdt de Japanner het liefst elk direct lichamelijk contact met een vreemde.

In Japan hecht men erg aan eerlijkheid. Vandaar dat het niet op prijs wordt geteld dat je bijvoorbeeld in een winkel openlijk het wisselgeld dat je ontvangt gaat natellen.

Word je uitgenodigd bij iemand om te komen eten dan is het zaak een paar regels te kennen. Het is gebruikelijk om met eetstokjes (hashi) te eten. Voor soep wordt ook wel een lepel gegeven. Bij het laatste restje rijst wordt de kom veelal aan de mond gezet en schuift men met de hashi de laatste rijst in de mond. Tijdens het eten van noedels (bamiachtige slierten) en soep is het volkomen normaal om een beetje te slurpen. Begin niet meteen met de soep te eten zodra deze is opgediend. De hele maaltijd wordt namelijk tegelijk opgediend. Wacht met eten tot iedereen aan tafel alle gerechten heeft gekregen. Men kent geen speciale volgorde bij het eten van de gerechten. Je kunt rustig de soep afwisselen met andere gerechten om dan weer wat soep te nemen. Prik nooit met de stokjes in de gerechten om ze zo op te eten. Zet de eetstokjes nooit verticaal in de rijstkom. Zo wordt namelijk voedsel geofferd aan de voorouders. Gebruik de stokjes nooit om schotels te verschuiven en wijs niet met de stokjes naar de verschillende gerechten bij het beslissen welk gerecht je zult nemen. Je neus snuiten of niezen hoort niet aan tafel. Moet het toch gebeuren, wend dan in ieder geval je hoofd af. Nog beter is het om even het vertrek te verlaten.

In Japan vind je verschillende huizen en flats; oud en nieuw. Vooral op het platteland woont men soms nog in traditionele huizen, van hout en klei en met daken bedekt met dakpannen. De meeste huizen zijn tegenwoordig gebouwd van beton, hout en aluminium. Omdat er weinig plek is zijn de huizen vooral in de grote steden vaak duur en nogal klein. In de stad wonen dan ook veel mensen in grote flatgebouwen. De zomer in Japan is heet en vochtig, en daarom zijn de huizen zo gebouwd dat er lekker een briesje door heen kan waaien. De meeste moderne Japanse huizen hebben zowel kamers in Japanse als in Westerse stijl. De Japanse kamers hebben schuifdeuren, gemaakt van hout en papier, die ook geheel verwijderd kunnen worden om van twee kleine kamers een grotere te maken. De ingang (genkan), de gang en de keuken hebben houten vloeren, in de andere kamers is de vloer bedekt met stromatten (tatami). Als je een huis in Japan binnengaat doe je je schoenen uit en trek je pantoffels aan, en als je dan een kamer binnengaat met tatami-matten, doe je je pantoffels ook uit en laat ze in de gang achter. 's Avonds worden de futon, met donzen gevulde dekbedden, uitgelegd om op te slapen, en 's morgens worden die dan weer opgevouwen en opgeborgen in speciaal daarvoor bestemde kasten. Alle huizen hebben natuurlijk elektriciteit en stromend water, maar centrale verwarming vind je eigenlijk alleen in Hokkaido, waar de winters erg koud zijn. In de rest van Japan wordt eigenlijk een kamer alleen verwarmd als die gebruikt wordt. Elk Japans huis heeft wel een badkamer (o-furo). Het bad is vierkant en diep. Voor je in bad gaat was je je met zeep, naast het bad. Na de zeep te hebben afgespoeld ga je in het bad. Het gehele gezin maakt zo gebruik van hetzelfde bad en jonge kinderen baden vaak samen met hun ouders.

Bij de theeceremonie (Chanoyu), die dateert uit de 15e eeuw, bereidt de gastheer/vrouw op rituele wijze thee en voedsel en serveert dat. Men moet zich dan aan uiterst verfijnde regels houden die bedoeld zijn om de ceremonie eenvoudig en aantrekkelijk te houden, zonder onnodige beweging of gebaar. De gastheer brengt de tuin op orde en kiest de juiste versieringen voor de theekamer en het juiste gerei, in overeenstemming met het seizoen. De gasten bewonderen dit alles en maken op- of aanmerkingen. Theeceremonie is dus niet alleen op correcte en elegante wijze thee serveren, maar betekent ook leren over architectuur, tuinen, aardewerk, kalligrafie, geschiedenis en godsdienst, wat dus heel wat jaren kan kosten.

Op gewone werkdagen dragen Japanners moderne, westerse kleding, maar op bijzondere dagen geven veel mensen ook nu nog de voorkeur aan de traditionele Kimono. Die wordt om het lichaam gewikkeld en vastgebonden met een obi. De kimono's van jonge meisjes zijn vrolijk gekleurd, die van oudere vrouwen wat ingetogener en die van mannen helemaal donker gekleurd. Met Nieuwjaar en ten tijde van de diploma-uitreiking kun je veel vrouwen, jong en oud, in kimono zien. Bij bruiloften en andere formele gelegenheden dragen mannen zwarte kimono’s met het familiewapen. Een goede zijden kimono is erg duur en wordt met grote zorg behandeld en dan doorgegeven van vader op zoon en van moeder op dochter. Verder is het erg moeilijk een kimono om te doen en de obi op de juiste wijze vast te maken; veel vrouwen nemen hier dan ook les voor. Er is ook nog een soort kimono die yukata wordt genoemd; een eenvoudig licht katoenen kledingstuk dat in de zomer wordt gedragen of in huis na het baden. Bij kimono worden geen schoenen en sokken gedragen, maar hoge houten klompen (geta), of lage sandalen van katoen of leer (zori). Die worden gedragen met katoenen sokken (tabi) die een gleuf hebben tussen de grote en de tweede teen, waar het riempje van de sandaal tussen moet.

In Japan kent men vele plaatsen met heetwaterbronnen, waaromheen een bad is gebouwd. Deze worden 'onsen' genoemd. De onsen zijn ontstaan doordat Japan een vulkanisch actief eiland is en het water verwarmd wordt door deze vulkanische activiteiten. In het hete water, dat warmer dan 25° C dient te zijn om onsen te heten, zijn allerlei mineralen opgelost die een geneeskrachtige werking hebben. Naast de geneeskrachtige werking wordt het baden in een onsen voornamelijk gezien als een ontspannende activiteit. Het baden in onsen gaat in Japan zo'n 1000 jaar terug, toen men het in de Heianperiode ontdekte. Volgens de verhalen merkte men de geneeskrachtige werking bij de gewonde soldaten uit de veldslagen die baat hadden bij behandeling in de onsen. Vroeger baadde men in Japan gemengd, mannen en vrouwen bij elkaar, sinds puriteinse Amerikanen daar schande van spraken (ten tijde van de opening van Japan, halverwege de 19e eeuw) vindt het baden meestal gescheiden plaats. Om de onsen werden in de loop van de tijd ryokans en hotels gebouwd zodat de bezoeker zich al badende kan omringen met allerlei comfort. Hoewel de onsen veelal buiten zijn, leiden veel hotels en ryokans het hete water via leidingen naar inpandige baden waardoor men ook binnenshuis kan genieten van de onsen. Er gelden (uiteraard) regels in de onsen. Zo dient men zich volledig te ontkleden en is badkleding niet toegestaan. Het enige dat je mee mag nemen is een klein handdoekje. Eenmaal in de badruimte (binnen of buiten) dien je je eerst te reinigen met heet water. Dit hete water kan uit een aparte kraan komen en je moet je met zeep reinigen en dan goed afspoelen met het hete water uit een emmertje. In sommige onsen kan het hete water uit de bron zelf gebruikt maar dit mag niet vermengd worden met het water in de onsen zelf. Pas als je goed schoon bent en er absoluut geen zeepresten meer aanwezig zijn, kun je je langzaam, vooral langzaam, in het hete water laten zakken. Het meegenomen handdoekje dient om het gezicht af en toe af te vegen maar het mag niet in het water komen. Voorkom dit, want het kan voor hilariteit zorgen. Vaak ziet men baders met het opgevouwen doekje op het hoofd maar men kan het ook naast het bad neerleggen.

Klimaat

Japan is meer dan 3000 kilometer lang en heeft dus vele verschillende weertypes. Het klimaat op het noordelijk eiland is te vergelijken met dat in Nederland. Meer naar het zuiden, ten noorden van Tokyo. Komt het klimaat overeen met dat in Frankrijk. Het gebied tussen Tokyo en Nagasaki laat zich kenmerken door warme zomers met een hoge luchtvochtigheid. In deze tijd valt de meeste neerslag. Na de zomer wordt het weer onbestendiger en kunnen er zich tyfoons voordoen. Als je in deze tijd reist is het verstandig om het weerbericht te volgen. Op de eilanden ten zuiden Nagasaki heerste een subtropisch klimaat, te vergelijken met dat in de landen rond de Middellandse Zee. Ook in de winter is het hier nog aangenaam met temperaturen van rond de 15 graden. 

Japan kent net als Europa vier duidelijk te onderscheiden seizoenen. Eind maart, begin april ontwaakt het land uit haar winterslaap als de pruimen- en kersenbomen gaan bloeien. Vooral als de sakura (kersenbloesems) in bloei staan verkeert het hele land in een collectieve roes. Iedereen is in de ban van hanami (bloemen kijken), een activiteit die graag wordt gecombineerd met overvloedige sakeconsumptie. De maanden april en mei zijn uitstekend om Japan te bereizen. De zomermaanden juli en augustus zijn door de hoge luchtvochtigheid erg drukkend warm. In de zomer is het feest in Japan, ieder zichzelf respecterende stad of dorp houdt dan wel een natsu matsuri (zomerfestival). Steeds een goed excuus om ’s avonds je yukata (lichte katoenen kimono) aan te trekken en je te gaan vergapen aan hanabi (vuurwerk). Vanaf september beginnen de temperaturen langzaam te dalen. Ook het najaar is een geschikte periode voor een reis naar Japan, waarin je kunt genieten van de schitterende herfstkleuren.

Klimaattabel
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).

Tokyo
Maand
T Gem
Zon
Neerslag
T W
Januari
6
6
6
13
Februari
7
6
7
13
Maart
10
6
10
14
April
15
6
11
16
Mei
19
6
12
18
Juni
22
5
12
20
Juli
26
6
11
23
Augustus
28
7
10
25
September
21
5
13
24
Oktober
19
4
12
22
November
13
5
8
19
December
9
6
5
15

Landschap

Japan is een eilandenrijk en bestaat uit de vier grote eilanden: Hokkaido, Honshu, Shikoku en Kyushu, die samen 98 procent van het grondgebied beslaan. Verder zijn er nog bijna 4000 kleine eilanden. De eilanden bestaan voor drievierde deel uit vaak dichtbeboste bergen en heuvels, maar het grootste deel van de bergen en bergkammen komt niet boven 2000 meter. Een uitzondering vormt het Hidagebergte ofwel de Japanse Alpen in Zuid-Honshu, dat gemiddeld 3000 meter hoog is. Japan heeft meer dan 240 vulkanen, waarvan er nog meer dan vijftig werkzaam zijn. De heilige berg Fuji is met 3776 meter de hoogste top van Japan, maar sinds de laatste uitbarsting van 1707 in rust. Japan ligt op het raakvlak van drie geologische platen en is seismisch gezien het actiefste gebied ter wereld. Ieder jaar zijn er in Japan 7000 tot 8000 aardschokken. De meeste daarvan hebben zo'n geringe kracht dat men die nauwelijks voelt, maar als er een aardbeving met grote kracht is, kan dat grote schade veroorzaken. Daarom worden gebouwen zo ontworpen, dat zij niet gauw door een aardbeving kunnen worden verwoest. Men doet dat door funderingen aan te leggen die er voor zorgen dat de gebouwen lichtjes schommelen in plaats van in te storten. Op deze en vele andere manieren hebben de Japanners geleerd om in harmonie met de natuur te leven. Door de geothermale activiteit zijn er in heel Japan duizenden natuurlijke heetwaterbronnen ontstaan, op of net onder bodemniveau. Meer dan 1100 bronnen schijnen een geneeskrachtige werking te hebben, vooral op de ingewanden of het zenuwstelsel. Japanners baden dan ook al eeuwen in de bronnen en gebruiken ze voor ook voor reinigingsrituelen. Van veel bronnen heeft men kuuroorden of onsen gemaakt. Soms is het water heet genoeg om een ei te koken!

Religie

De religieuze traditie van Japan laat een intens samengaan zien van shintoïsme en boeddhisme. Ook is er in Japan een verregaande religieuze tolerantie en openheid, waardoor externe invloeden gemakkelijk werden geabsorbeerd. Zo is de voorouderverering, een belangrijk element in Japan, afkomstig uit het confucianisme. De geboorte van een kind wordt gevierd in een shinto-heiligdom. De dood, daarentegen, is een aangelegenheid van het boeddhisme. En veel moderne Japanse bruidsparen willen, in westerse stijl, in een christelijk kerkje trouwen. Dat is allemaal Japan, waar het dagelijks leven doortrokken is van verschillende tradities. In vele Japanse huizen ziet men twee schrijnen: een voor de Boeddha en een shintoïstische voor de voorouders. Ondanks die onderlinge verwevenheid, hebben shintoïsme en boeddhisme hun eigen identiteit bewaard.
Religieuze minderheden worden gevormd door ongeveer een miljoen protestanten en een klein aantal rooms-katholieken en leden van de ‘nieuwe religies’, die bestaan uit verschillende mengvormen van het shintoïsme, het boeddhisme, het taoïsme, het confucianisme en een aantal christelijke religies.

Shintoïsme
Shinto is de oorspronkelijke religie van Japan. To of do betekent in het Japans: weg. Judo is bijvoorbeeld de zachte weg en shinto betekent de weg van de goden. Die laatste naam ontstond pas aan het eind van de zesde eeuw. Hij werd gebruikt ter onderscheiding van het nieuwe, vanuit Korea en China, geïntroduceerde boeddhisme, dat bukkyo werd genoemd (kyo betekent leer). Shinto is in wezen natuurverering en -aanbidding. Deze is gebaseerd op ontzag en bewondering voor alle natuurverschijnselen en de energieën die daarachter schuil gaan. De natuur is voor de Japanner nog altijd heilig, omdat zij doortrokken is van een mysterieuze goddelijke aanwezigheid. Een berg, een oude boom, een bijzondere steen, een waterval, aan alles kan een heilige status worden toebedacht die tot verering aanleiding geeft. De natuurverschijnselen belichamen iets goddelijks dat men met Kami aanduidt. Er zijn onnoemlijk veel Kami, zonder welomschreven hiërarchie. Een uitzondering is er: de zonnegodin Amaterasu Omikami; zij is de belangrijkste Kami. Haar schrijn, een nationaal heiligdom, bevindt zich in Ise, ten zuidwesten van Nara.
Shinto kent geen heilige schriften, er is geen vaste geloofsleer, er zijn geen dogma's noch is er een specifieke moraal. Er bestaat ook geen stichter en geen abstracte, gepersonifieerde God. Shinto is een weg, karakteristiek en organiek voor het Japans-zijn; het boeddhisme is daarentegen een leer.

Het shintoïsme richt zich op het behoud van het leven op deze wereld. Het brengt harmonie en zuiverheid, zorgt voor de juiste betrekkingen tussen de goden en de mensen. Langs die weg bevordert en onderhoudt het de levensenergie en natuurprocessen. De rituelen moeten zorgen voor de juiste verhoudingen en het weren van kwaad. De waarneembare wereld is doortrokken van een spirituele wereld en wordt daardoor gevoed. Het kwade en het slechte verstoren de natuurlijke, kosmische orde en harmonie. Ook de dood wordt als ontwrichtend en vervuilend opgevat. De oorspronkelijke balans dient door zuiveringsrituelen te worden hersteld.

In de shinto-praktijk bidt men dagelijks voor het eigen huisaltaar. Er zijn veel religieuze feesten, matsuri, die op bepaalde tijden plaatsvinden rondom de talloze shinto-heiligdommen, jinja, die men door het hele land vindt. Er zijn plaatselijke, regionale en nationale feestdagen die het jaar, met zijn seizoenen, zijn plant- en oogstfeesten, en zo meer, markeren en structureren. Met die feesten worden Karni geëerd en gediend, in de verwachting dat zij succes en geluk zullen garanderen. Tijdens zo een feest kan een kind, een paard of een pop als tijdelijke boodschapper en vertegenwoordiger, amikashi, van de Karni optreden. Het reinigen van de plaats en van de mensen is bij deze feesten van belang.

Boeddhisme
Het boeddhisme doet, officieel, in 552 zijn intrede in Japan. De Koreaanse koning Paikche schenkt in dat jaar een boeddhabeeld aan het Japanse hof. Maar in feite zijn de religieuze en filosofische contacten met Korea, en ook met China, al van eerdere datum. De oorsprong van het boeddhisme ligt echter in Noord-India, waar de historische Boeddha Gautama Sakyamuni (geboren als prins Siddharta) rond 500 v. Chr. leefde. Na lange contemplatie en meditatie bereikte de prins Verlichting, het Nirvana. Daarmee ontsteeg hij de staat van mens-zijn en liet hij cycli van geboorte, dood en wedergeboorte achter zich. Vanaf de eerste eeuw na Chr. zijn er twee boeddhistische hoofdstromingen: het Hinayana, het kleine voertuig- of zuidelijk boeddhisme en het Mahayana, grote voertuig- of noordelijk boeddhisme. Het is deze laatstgenoemde vorm die via Korea en China naar Japan komt. Het brengt, behalve een leer, vele verlichten mee waaronder Sakyamuni (Japans: Shaka), andere Boeddha-incarnaties of Nyorai, Boeddha's, Boddhisattva's (Japans: Bosatsu) en talloze goddelijke personen.

Taal

In Japan spreekt men Japans. Het standaard Japans wordt gebruikt en begrepen in heel Japan door mensen van uiteenlopende achtergrond. Maar op het niveau van de spreektaal zijn er aanzienlijke verschillen in uitspraak en woordgebruik, zelfs tussen de gebieden van Tokyo en Kyoto. Er bestaan verschillende niveaus van beleefdheid in de Japanse taal, naar gelang status, leeftijd en situatie. In de dagelijkse conversatie wordt beleefdheid aangegeven met de lengte van werkwoordsuitgangen (langer is beleefder), maar in formele conversatie gebruikt men specifieke woorden. De Japanners leren Engels op school, maar weinigen spreken het goed, hoewel hun Engels waarschijnlijk beter is dan het Japans voor de meeste bezoekers.

Japans is in tegenstelling tot het Chinees of Vietnamees geen toontaal. Het is niet zo moeilijk wat Japans te spreken. Men gebruikt geen lidwoorden, geen meervoudsvormen, werkwoorden zijn gemakkelijk te hanteren en het gebruik van persoonlijke voornaamwoorden is erg beperkt. Wel moeilijk is het schrift.
Enkele woorden en eenvoudige zinnen:

Goedemorgen – ohayo gozaimasu.
Goedemiddag/goedendag – konnichi wa.
Goedenavond – konban wa.
Dank u (zeer) – arigato (gozaimasu).
Ja/ nee – hai/ ne.
Ik begrijp het niet – wakarimasen.
Toilet/ wc – otearai/otoire.

Ik ben vegetariër - bejitarian desu
Ik eet geen vlees en geen vis - niku ya sakana o tabemasen
Het eten was heerlijk - gochisoosama (klemtoon op de oo)
Een bier alstublieft - biiru o kudasai
Vruchtensap (koffie, thee) alstublieft - juusu (koohii, kocha) o kudasai
Melk/suiker - miruku/satoo
Hoeveel kost het? - ikura desuka?
Duur!/goedkoop - takai/yasui
Ticket/rekening - kippu/o kanjoo

Spreekt u Engels (Duits)? - Eigo (Doitsugo) ga dekimasuka?
Ik spreek geen Japans - Nihongo ga dekimasen
Hoe heet u? - o namae wa?
Mijn naam is Piet - namae wa Piet desu
Ik ben Nederlander/Belg - (watashi wa) Orandajin/Berugi desu
Ik kom uit A’dam - A’dam kara kimashita
Wat is uw beroep? - o shigoto wa?
Ik ben zakenman- (watashi wa) bijinesuman desu
Journalist - repootaa
Huisvrouw - shufu
Ambtenaar - koomuin
Ingenieur - enjinia
Student - gakusei
Leraar - sensei

Waar is het station (de bus)? - eki (basu) wa doko desuka?
Waar is de bus naar het station? - eki yukino basu wa doko desuka?
Is er een supermarkt? - suupaa ga arimasuka?
Warenhuis/supermarkt- depaato/suupaa
Boekwinkel/bakker - honya/panya
Apotheek/drogist - kusuriya
Ziekenhuis/politiepost - byooin/kooban
Telefoon - denwa
Ingang/uitgang - iriguchi/deguchi
Trein/perron - densha/hoomu
Fiets/taxi - jitensha/takushii
Postkantoor/bank - yuubinkyoku/ginko

Links/rechts - hidari/migi
Noord - kita
Zuid - minami
West - nishi
Oost - higashi

Maandag - getsuyoobi
Dinsdag - kayyoobi
Woensdag - suiyoobi
Donderdag - mookuyoobi
Vrijdag - kinyoobi
Zaterdag - doyoobi
Zondag - nichiyoobi

Ambassades

Ambassade van Japan in Nederland
Tobias Asserlaan 2, 2517 KC Den Haag,
T 0031 (0)70 346 95 44
F 0031 (0)70 310 63 41

Nederlandse ambassade in Japan
3-6-3 Shibakoen, Minato-ku, Tokyo 105-0011
T 00 81 3 5776 5400
F 00 81 3 5776 5535
I www.oranda.or.jp

Bagage en kleding

We adviseren je dringend om de bagage mee te nemen in een rugzak (met binnenframe) en het totale gewicht te beperken tot vijftien kilo per persoon. Een compacte weekendtas van hetzelfde gewicht is ook mogelijk. Het gebruik van een 'harde' koffer raden we sterk af voor al onze reizen, zeker ook in Japan, denkend aan de beperkte bagageruimte in de bus.

Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag). We vragen je om in je kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur. Zo worden korte broeken of rokken niet op prijs gesteld in boeddhistische tempels. In een aantal hotelletjes is laundry service aanwezig.

Denk bij het samenstellen van je bagage aan bijvoorbeeld: wandelschoenen, naaigerei, wasmiddel, universeel geldige verloopstekker, reisgids, voldoende fotomateriaal, toiletartikelen, zwemkleding, wekker, schrijfgerei, schaartje en zakmes. Zorg er wel voor dat je dit laatste in je grote bagage verpakt.

Het is niet nodig om tenten, slaapzakken, slaapmatjes of muskietennetten mee te nemen.

Op de reizen in het voor- en najaar, vermijd je extreem hoge of lage temperaturen. In een eilandenrijk als Japan is de zee nooit heel veraf, waardoor het tegen de avond frisjes kan worden. Houd daar rekening mee als je houdt van een avondwandelingetje. In de maanden juni en juli regent het regelmatig in Japan. Regenkleding of een paraplu mag dan niet ontbreken in je bagage.

Het elektriciteitsnet in Japan werkt op 100 Volt, voor een videocamera of scheerapparaat neem je dus een internationale adapter mee.

Japanners zijn gek op kleine geschenkjes. Tijdens een ontmoeting met Japanse mensen zul je veel bijval oogsten als je een klein souvenirtje uit ‘Oranda’ (Nederland) te voorschijn kunt toveren…

Electriciteit

De netspanning in Japan is 110 volt en men gebruikt stekkers met platte pennen (Amerikaanse stekkers). Een adapter of een verloopstekker zijn raadzaam om mee te nemen.

Fooien

Het is in Japan absoluut niet gebruikelijk om fooien te geven. Niet aan taxichauffeurs, niet in restaurants, in hotels of waar dan ook. Dit kan zelfs als beledigend worden ervaren.

Fotografie

Er zijn plaatsen waar je absoluut niet mag fotograferen zoals op sommige plekken in tempels of in musea, maar dat staat duidelijk met bordjes aangegeven. Over het algemeen vinden de Japanners het geen probleem om gefotografeerd te worden. Maar als je mensen fotografeert doe het dan met respect. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. 

Er is in Japan ruim foto- en filmmateriaal verkrijgbaar, veel Fuji maar ook Kodak. In wijken als Shinjuku (Tokyo) zijn gigantische winkels met foto- en filmmateriaal en tegenwoordig uiteraard alles op het gebied van de digitale fotografie. Er is veel elektronische apparatuur verkrijgbaar. Vaak niet goedkoper dan in Nederland (er is een forse belasting op deze artikelen) maar er is wel een veel groter assortiment met nieuwe apparatuur die wij nog niet kennen. Veel accessoires, van bijv. fotoapparatuur, zoals memorysticks en compact flashkaarten zijn wel weer vaak goedkoper. Uiteraard kun je in Japan alles kopen op het gebied van de fotografie en elektronica. Zodra er elektriciteit aan te pas komt, bedenk wel dat de apparatuur over het algemeen slechts geschikt is voor 110 volt. 

Meer informatie over reisfotografie vind je in het boekje: ‘Fotograferen onderweg’ van Frank Muller. Ben je van plan om digitaal te fotografen, dan zijn de boekjes ‘Digitaal fotograferen onderweg’ of ‘Digitaal fotograferen zonder handleiding’ van Peter de Ruiter aan te raden. Ook op www.digitaalopreis.nl vind je de nodige tips en adviezen.

Geldzaken

De munteenheid in Japan is yen (JPY). Er zijn bankbiljetten van 1000, 5000 en 10.000 yen en munten van 1, 5, 10, 50, 100 en 500 yen. Voor één euro ontvang je ongeveer 135 yen (september 2009). Kijk voor de actuele wisselkoers op: www.oanda.com/convert/cheatsheet

In de grotere plaatsen kun je bij postkantoren geld pinnen met een bankpas die op de achterkant voorzien is van het Cirrus- en/of Maestro logo. Neem als reserve een bedrag aan contante euro’s mee. Creditcards worden in bijna alle hotels, restaurants en grote warenhuizen geaccepteerd, maar vaak ook in kleinere winkels. 

Banken zijn geopend van maandag tot en met vrijdag van 9.00 tot 15.00 uur en postkantoren van 9.00 tot 17.00 uur. Sommige grote postkantoren zijn dagelijks geopend.

Gezondheidsvoorschriften

De gezondheidszorg in Japan staat op een hoog niveau. In Japan worden de mensen gemiddeld het oudst. In Japan kent men niet het systeem van huisartsen, men gaat naar het ziekenhuis en de specialist. Medische kosten zijn hoog, zeker als je in een privé-kliniek wordt geholpen. Zorg voor een goede verzekering.

Invoerbepalingen

Volwassenen personen mogen belastingvrij 400 sigaretten of 100 sigaren of 500 gram tabak, drie flessen wijn en 56 ml parfum invoeren. Als je antiek uitvoert, moet je er op letten dat het is voorzien van een rode lakzegel, waarop staat dat het na 1840 is gemaakt. 

Er geldt een uitvoerverbod voor souvenirs die gemaakt zijn van beschermde dier- of plantensoorten. Let er bij de aankoop van dit soort souvenirs op dat het een geldig CITES-certificaat heeft. Nederland en België zijn aangesloten bij de Washington Conventie (Verdrag over de Internationale Handel in Bedreigde Soorten, afgekort als CITES) en treden streng op tegen overtredingen. Meer informatie over de belangrijkste beschermde soorten met een opsomming van de bekendste ‘foute’ souvenirs vind je op www.wnf.nl/souvenirs.

Tijdsverschil

Japan heeft één tijdzone. In de winter is het acht uur later dan in de Benelux, in de zomer is dat zeven uur.

Veiligheid

Japan is een zeer veilig land waar criminaliteit nauwelijks voorkomt. In het donker gaat iedereen gewoon over straat. Ook kinderen spelen dan nog buiten. Japanners zijn eerlijk en betrouwbaar. Als je iets vergeten of verloren bent, is de kans erg groot dat het weer terecht komt. Toch is het verstandig om goed op je spullen te letten.
Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals het paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken.

Voor actuele informatie over de veiligheid in Japan kun je je wenden tot het ministerie van Buitenlandse Zaken, algemene informatie: tel. 070-3486789; voor reisadviezen: tel. 070-34847600 of website: www.minbuza.nl onder ‘reizen en landen’. Ook op de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken www.diplomatie.be vind je nuttige reisadviezen.

Winkelen en openingstijden

De meeste winkels zijn geopend van 10.00 tot 20.00 uur, inclusief het weekend met uitzonderingen van enkele zon- en feestdagen. Dit geldt ook voor de grote warenhuizen, maar die sluiten veelal een half uur eerder. Musea zijn in principe alle dagen geopend van 10.00 tot 17.00 uur.
Einde


Laatst aangepast op vrijdag, 28 december 2012 15:46